Ik heb een stressreactie als ik denk dat mensen boos op me worden. De gedachte alleen al is voor mij een trigger voor stress. Een patroon ooit opgebouwd in mijn jeugd. Een doodnormale jeugd met een moeder die wel eens boos op me was en een broer die me wel eens op mijn kop zat.

Bij de gedachte aan boze gezichten slaat mijn amygdala alarm en kiest voor een reactie van me klein voelen, verlamd, niet meer helder kunnen nadenken, niet meer kunnen zien wat er bij de ander echt speelt. Ik probeer me te gedragen zoals ik denk dat de ander wil. Vanuit de valse hoop dat ik dan waardering krijg en dat alles goed komt. Ik word superbraaf of ik trek me terug.

Het is een overlevingsreactie van mijn brein bij iets wat ooit controleverlies heeft gegeven. Zo’n stressreactie doet je je klein voelen, verlamd, hyper of juist gewelddadig. Het is een shortcut op basis van zintuiglijke signalen via je amygdala, waardoor de lange routes in je brein voor empathie, inlevingsvermogen en nuance geblokkeerd raken: Je voelt je niet langer verbonden met anderen en de wereld om je heen. Op den duur is alleen al de gedachte aan het stresssignaal genoeg om de stressreactie in gang te zetten.

Controleverlies kan veroorzaakt worden door een calamiteit. Maar ook door iets wat in een relatie speelt waarin je afhankelijk en kwetsbaar bent. Zoals toen ik klein was en op mijn kop kreeg of gepest werd. 

Zie, hoor, voel je iets wat ooit controleverlies heeft gegeven, dan slaat je amygdala alarm: Er is gevaar! Je gaat volautomatisch in de vecht-, vlucht- of bevriesmodus. Deze stressmodus maakt dat je stukjes informatie in je brein moeilijk met elkaar kan verbinden. Je gaat zelfs stukjes informatie verkeerd met elkaar verbinden waardoor je angstig of vijandig gaat denken.

Nou zijn er verschillende manieren waarop ik met dit stresspatroon om kan gaan:

1. Ik kan de stress bevechten. Ik zeg tegen mezelf dat ik niet zo raar moet doen. Ik schaam me en ervaar nog meer stress. Dit is niet zo’n fijne reactie.

2. Ik kan in de stress gaan zwelgen. Ik kan me er helemaal in verliezen. Me beklagen bij anderen. Vanuit een hopeloze, machteloze houding. Arme ik. Dan blijf ik slachtoffer.

3. Ik kan de stress vermijden of ontlopen. Ik vermijd dan het gesprek met mensen die ik intimiderend vind. Ik ga vroeg naar bed en ga extra veel slapen omdat ik me futloos voel.

Je kunt stress triggers uit de weg gaan door veel rust te nemen. Het goede hieraan is dat je herstelt van (over-)belasting. Dat hoort bij het natuurlijke proces van inspanning en herstel. Bij overspannenheid of burn-out is dit een belangrijk onderdeel van je herstel. Soms verdwijnt daarmee, voor bepaalde situaties, de alarmreactie van je amygdala. Maar het kan ook zijn dat je comfortzone wel erg klein wordt en dat die alarmreacties niet of niet voldoende oplossen.

4. Ik kan stress ontkennen, reframen of rationaliseren. Daar horen gedachten bij als:

Kom op, het is een uitdaging.

Stress hoort erbij.

Iedereen heeft het nou eenmaal druk.

Of zoals mijn moeder zei: Flink zijn en doorgaan.

Vanuit dit soort gedachten ga ik mezelf forceren om op wilskracht door te gaan waardoor ik nog meer stress ontwikkel. Dat kan een tijdje werken. Soms is het gewoon handig om even door te zetten. Onze ouders hadden weinig alternatieven.   

Maar er is nu wel een alternatief.

Ik weet niet hoe het bij jou zit, maar ik wil dingen aangaan, me ontwikkelen, genieten, liefhebben en bijdragen aan het grotere geheel. Het geeft voldoening als ik dat doe. Ik voel me verbonden met anderen en bezield. 

Daarvoor is het niet nodig en ook niet helpend om stress te bevechten, te ontlopen, erin te zwelgen, het te ontkennen of het te reframen. Het is nodig stress op te lossen.  

Want dat kan. Stress oplossen. Dat is de vijfde optie:

5. Stress oplossen.

Daarbij hoort dat ik eerst erken wat ik ervaar. Dat ik ‘Ja zeg‘ tegen de stressreactie. Dat ik toegeef dat ik iets ervaar wat ik niet wil. Ik wil me niet rot en klein voelen als ik dingen uit wil praten. Vervolgens ga ik mijn brein ontstressen.

Ontstressen betekent dat ik de stress in mijn brein ophef. Ik ga de automatische loop vanuit zintuiglijke alarmsignalen via mijn amygdala doorbreken.

Hoe ik dat doe?

Door mijn onderbewuste de opdracht te geven om verbindingen te maken. Daar horen nog een paar stappen bij. Ik gebruik daarvoor het ABC van ontstressen. Dit is een verbindingsproces ontwikkeld door Marina Rhiemslagh.  

Wat is een verbindingsproces?

Het gaat erom dat mijn brein de signalen om me heen in losse brokjes opneemt en koppelt aan mijn amygdala. Die sorteert de signalen op: veilig of gevaar. Als mijn amygdala een associatie vindt met gevaar, dan gaat er een stress programma aan: vechten, vluchten of verstarren. Dat stress programma heeft gevolgen voor mijn hele fysieke gestel, voor hoe ik me voel en voor mijn gedrag. Dit volautomatische programma is moeilijk te doorbreken vanuit wilskracht. Of vanuit bewuste training

Toen ik laatst weer merkte dat ik bang werd dat iemand kwaad op me werd en merkte dat ik dichtsloeg en de neiging had braaf te doen, trok ik me even terug om het ABC van ontstressen te doen. Ik nam daar vijf minuten voor. Daarna kwam ik weer terug bij die persoon en voelde ik me vrij en ontspannen. Ik kon weer vrijuit communiceren.

Door het ABC van ontstressen kon ik de losse brokjes aan zintuiglijke informatie die ooit in mijn jeugd via mijn amygdala waren gekoppeld aan stressreacties, weer met elkaar verbinden en laten koppelen aan programma’s van veiligheid. Daarmee loste de stress op.

Fresh air

Deze simpele vijf-minuten procedure kun je leren in de Workshop Ontstressen die ik geef. Geef je hier op.

Want stress hoeft niet.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.